Leven met TOS

ESM maakt wel onzeker. Niet bewust, denk ik, maar.. ik heb wel een vriendin en die vragen gewoon allerlei dingen. Echt gewoon allerlei dingen. Ik zal niet zo snel gaan als ik in de winkel was en ik weet het niet te vinden, dan heb ‘k zoiets liever: ‘ik zoek nog wel drie kwartier’, en dan, als het dan niet komt, dan vraag ik wel iemand. Maar een vriendin van mij, die loopt na vijf minuten al naar iemand toe van: ‘hé eh, waar ligt dat?’. Dan ben ik bang dat ze me niet begrijpen en soms snap ik hun ook niet.

Als ik ruzie heb met iemand dan ben ik met de wanhoop bezig, en dan denk ik ‘laat maar zitten’ en loop ik altijd boos weg omdat het me niet lukt op dat moment. Maar dat is dan uit boosheid, en je wilt alles kwijt, maar het kan niet allemaal tegelijk uit je mond.

Wat ik moeilijk vind is gewoon dingen uitleggen, waar ik mee zat, mijn emoties verwoorden en dingen verwoorden wat ik moeilijk vond. Ik klapte dan gewoon dicht, en dan was mijn vader er altijd degene die voor mij tolkte eigenlijk dus.

Het enige wat ik altijd heb gehoord is van: ik merk er niks van. Van mensen, ook van klasgenoten enzo. Maar dat is dus een beetje het probleem: ik merk het vooral zelf. Want ik zit gewoon met mijn praten op gemiddeld niveau. Maar ik wil veel meer zeggen, en ik snap veel meer. Dat komt er niet uit, dus dat is heel frustrerend. En mijn woordenschat is gewoon heel klein.

Ik heb ook altijd, dan wordt er uitgelegd wat we nou precies gaan doen. Dan heb ik al zoiets: ‘ik ga wel achterin de rij staan, dan kan ik een paar keer zien hoe andere mensen het doen, en dan doe ik het wel na.’ Want van die uitleg snap ik vaak niks van. En als ik het een paar keer heb gezien, dan weet ik het.

Een meisje uit mijn klas is doof en ik praat  vaak alleen gebarentaal tegen haar, dan floept alles eruit, en dan gebaar ik aan een stuk door, en alle woorden. Dat gaat wel makkelijker dan als ik zou moeten praten. Maar ja, je kan niet tegen iedereen gebaren hè.

Als ik andere mensen niet begrijp dan ga ik gewoon iets anders doen. Met mijn haar spelen of uit mijn boek werken. Dat is wel een klein beetje vervelend.

Als het me niet lukt, als mensen me niet begrijpen, dan word ik er gewoon heel gefrustreerd van. Je wil graag iets uitleggen, en je hebt het idee dat je dat goed doet, alleen dan blijkt het helemaal verkeerd te zijn, of er komt soms zelfs ruzie daardoor, terwijl ik iets helemaal niet zo had bedoeld, maar dan, ja, vatten ze het zo op. Of dan zeg ik het verkeerd. En dat vind ik dan altijd wel heel vervelend.

Als ze met een onderwerp bezig zijn, dan zeg ik al iets met dat onderwerp te maken heb, maar voor je het weet zijn ze met een ander onderwerp bezig. Ik word wel verdrietig daarvan. Dan ga ik eventjes hard schreeuwen.

Ik moet me echt voorbereiden om een gesprek aan te gaan. Ik weet dan waarover ik dan zou kunnen praten en waarop ik dan antwoord kan geven.

Het is een beetje zo’n cirkeltje van: je gaat dingen fout doen, dus dan word je onzeker, en daardoor ga je minder dingen doen. En dan.. omdat je minder dingen doet, lukt het uiteindelijk ook niet meer om te oefenen. Dan durf ik het niet meer te doen. Eerst moet ik me echt veilig voelen, dat ze het dan niet meteen op me afrekenen.

Advertenties